Klik hier om terug te keren naar de Startpagina van de artikelen en hoofdmenu!

 

 

Een bijzondere ervaring in Sion

 

© Door: Willemien Timmer

                                                            

     Notre Dame de Valère

Korte inleiding:

 

 

Dit ‘verhaal’, deze ervaringen en deze waarnemingen zijn gedaan door E. & Willemien Timmer, tijdens 2 bezoeken aan de vestingen in Sion (Zwitserland).

Het eerste bezoek vond plaats op woensdag 4 augustus 1999. Het tweede bezoek vond plaats op vrijdag 6 augustus 1999.

Tijdens deze bezoeken pikten wij beide vele waarnemingen op, die tegelijkertijd plaatsvonden, die elkaar aanvulden, maar ook exact overeen kwamen.

We liepen gedurende meerdere uren zowel in het hier en nu rond, als in het verleden. De sluiers der werelden leken steeds te verschuiven en bleken zeer transparant te zijn. Waardoor we afwisselend door verschillende tijdszones leken te glijden. Dan weer in het jaar 1999, en dan weer in de Middeleeuwen.

Hierdoor hebben we een compleet beeld kunnen krijgen van de trieste en afschuwelijke gebeurtenissen op deze plaats, ten tijde van een lang vervlogen geschiedenis.

 

Zelfs na deze hoeveelheid aan informatie en waarnemingen, die soms erg hard en emotioneel waren om te ervaren, blijven er nog vele vraagtekens staan. Onbeantwoorde vragen op een mysterie uit het verleden. Deze zullen naar voren komen in ons ‘verhaal’.

 

Misschien zal je dit hele ‘verhaal’ als onzin afdoen of voor onmogelijk houden.

Ik weet het niet. Ik weet niet of alles daadwerkelijk op deze wijze voorgevallen is. Ik weet alleen dat 2 personen op precies hetzelfde moment (gedurende enkele uren lang) precies hetzelfde gezien, gevoeld, gehoord en ervaren hebben. Dat onze waarnemingen overeen kwamen, terwijl we dingen onafhankelijk van elkaar waar namen, was voor mij de grootste bevestiging dat onze waarnemingen moesten kloppen.

Ook gezien de intensiteit en emoties kunnen we deze ervaring niet afdoen als fantasie of verzinsel. Dit verzin je niet om te willen zien. Als je al iets verzint, dan is het wel iets leuks, waar je vrolijk van wordt. Geen gruwelijkheden.

Voor mij en ook voor E. is dit de realiteit. We kunnen niet anders, na deze ervaring. We waren zelf letterlijk aan het wandelen tussen de sluiers der eeuwen. We waren werkelijk op die plaats, zowel in het heden, als in het verleden.

Het klinkt ongelooflijk. En dat was het ook.

 

Helaas hebben we sommige waarnemingen niet kunnen toetsen aan de werkelijkheid. Hier doel ik dan op de indeling van de vesting wat betreft boomgaarden, begraafplaatsen en bepaalde torens die er nu niet meer zijn. Ik had dit graag uitgezocht van oude plattegronden of kaarten, of dit daadwerkelijk klopt (voor de rationele geest).

Helaas werd dit erg moeilijk, omdat Sion in het Franstalige gedeelte van Zwitserland ligt, en we beide geen woord Frans spreken. Daarnaast weet ik niet of wij als buitenlanders toegang zouden hebben gekregen tot de Kanton - archieven (van de provincie). Maar door het gebrek aan taalbeheersing hebben wij dit dus niet kunnen proberen.

 

                                                

   Deel zijmuur van de Notre Dame de Valere

 

 

Korte informatie vooraf over de vestigingen in Sion:

 

In Sion staan, op 2 tegenover elkaar liggende bergen, de ruines van 2 vestingen. Deze vestigingen torenen hoog uit boven de huidige stad, die nu lager in het dal ligt. Het is een machtige aanblik als je via het dal in deze richting rijdt.

 

(Info uit een boekje over de omgeving;)

Meer dan 2000 jaren geleden was er al een nederzetting op de plaats van het huidige Sion, hoofdstad van Wallis (kanton in Zwitserland).

Iedere bezoeker wordt getroffen door de aanblik van de spectaculaire burchten op de rotsen aan de weerszijden van de stad.

Op de noordelijkste van de twee staat de ruïne van Tourbillon, de 13-de eeuwse residentie (= plaats waar de regering zetelt) van de bisschop van Sion.

Op de lagere rots staat, waar eens een Romeins fort lag, de versterkte 12-de eeuwse Notre Dam de Valere. Deze heeft een orgel uit de 4-de eeuw. Dit is het oudste nog werkende orgel ter wereld.

Het interieur van de kerk hier is een mengeling van Gotische en Romaanse elementen. Verder is daar een rijke collectie Byzantijnse gobelins, een 15-de eeuws marmeren standbeeld van de Heilige Maagd op een hoogaltaar en een met sierlijk houtsnijwerk bewerkt koor.

Naast de kerk is een kantonaal museum met verschillende religieuze voorwerpen en middeleeuwse meubels.

 

                                                            

                                                            In de verte: Tourbillon

 

Het eerste bezoek: de aanleiding tot een tweede bezoek:

 

Het was niet vooraf onze bedoeling om deze stad twee keer te gaan bekijken. Dat idee ontstond pas toen de eerste ‘schrik’ voorbij was. Met deze ‘schrik’ bedoel ik de onverwachte intense ervaringen, waar we niet op voorbereid waren, maar die spontaan ontstonden tijdens het eerste bezoek aan de vesting Notre Dame de Valere.

Zonder dat we het van elkaar wisten, deden zowel E. als ik spontane waarnemingen op via helderziendheid, helderwetendheid, heldervoelendheid en helderhorendheid.

Beide van ons praatten hier niet over. De plotselinge stortvloed aan beelden uit het verleden afdoend als eigen fantasie.

Eigenlijk pas aan het eind van de middag, na ons bezoek, kwam er iets ter sprake over de sfeer die er gehangen had in de Notre Dame de Valere. Naar aanleiding hiervan noemde 1 van ons voorzichtig een idee en beeld van een waarneming op die plaats. Tot onze verbazing had de ander exact hetzelfde beeld gehad, op dezelfde plaats. Maar had er niks over durven zeggen.

Pas toen kwamen natuurlijk alle andere waarnemingen van ons beide ook boven tafel, en deze bleken allemaal vrijwel overeen te komen met de waarnemingen van de ander.

We waren verbijsterd. Hoe was dit mogelijk?!

We hadden beide gedacht dat onze fantasie met ons op de loop ging door de aanwezigheid op zo’n oude, historierijke plaats. Maar dit kon geen fantasie of toeval meer zijn.

Uiteraard prikkelde dit onze nieuwsgierigheid zodat we besloten enkele dagen later hier terug te keren, met pen en papier en videocamera in de aanslag. Om dan met de bewuste intentie hier rond te lopen en te kijken wat we zouden kunnen oppikken.

 

                                                            

Ingang/poort Notre Dame de Valere

 

Het eerste bezoek: 4 augustus 1999:

 

Nietsvermoedend van alles wat zou gaan gebeuren, stapten we in de auto, op weg naar Sion, om als echte toeristen deze oude stad met vestingen te gaan bekijken. Het was zo’n 70 km. rijden van de plaats waar we onze vakantie vierden.

Toen we in een groot dal reden konden we op een gegeven moment al van afstand de stad Sion zien liggen, met de twee grote vestingen op de ernaast gelegen bergruggen. Het was een machtig gezicht zo van afstand. Maar werd steeds indrukwekkender naarmate we dichterbij kwamen.

Naarmate we de deze bijzondere stad steeds dichter naderden, merkte ik op dat ik onverwachts (en eigenlijk onverklaarbaar, zonder reden) wat geïrriteerd werd, maar ook geëmotioneerd en licht gevoelig. Ik legde op dat moment nog niet de link naar de vestingen zelf, maar dacht dat dit kwam door de sfeer in de auto. Pas later legde ik de link dat er hier dus al iets gebeurde of anders was qua sfeer. Pas na ons bezoek aan de Notre Dame de Valere kon ik begrijpen dat het niet zozeer met mij, als wel met de energie van deze plaats te maken had.

Ik was erg gefascineerd door de aanblik van de reusachtige vestingen boven de stad.

Toen we de auto geparkeerd hadden moesten we nog een eind lopen door de huidige stad Sion. Daarna volgde een zware klim omhoog over rotsachtige smalle paadjes richting de Notre Dame de Valere.

De toch al moeizame klim werd verergerd door de hitte van die dag en mijn benen die het wandelen in de bergen nog niet helemaal gewend waren.

Maar buiten die dingen om bleek dit de zwaarste klim te zijn die ik ooit heb gedaan. Het leek of ik kilo’s lood in mijn benen had, ik kon gewoon niet vooruit komen. Dat was al vreemd. Daarbij kreeg ik het steeds heel erg benauwd, alsof mijn keel werd dicht geknepen en ik niet genoeg lucht kon krijgen. Hier werd ik ook erg duizelig van en moest ongeveer om de 5 meter even zitten, dan ging het gewoon niet meer. Ook was ik emotioneel zeer licht geraakt en er vielen dan ook snel enkele tranen.

Eigenlijk was het op dat moment  onverklaarbaar wat er daar met me gebeurde. 

’s Morgens was er nog niks aan de hand en nu dit. Ik begreep het niet, maar legde ook nog geen verband naar de plaats die we bezochten. Ook dat kwam pas later…….

 

Na een zware klim kwamen we eindelijk boven aan en stonden voor een oude poort dat toegang gaf tot dit vestingstadje. Deze poort liep uit in een wat omhoog lopend geplaveid paadje, met aan de ene kant een gebouwtje, aan de andere kant een stijl oplopend stuk groen met enkele bomen.

We bleven even stilstaan voor de poort. Er ging een soort rilling door me heen, want ik zag naast de poort twee wachters staan met iets wat eruit zag als een speer in hun handen. Hieraan hingen felgekleurde vlaggetjes die in de wind wapperden. De wachters zelf waren gekleed in felgekleurde gewaden (groen & geel). Aan elke kant van de poort stond 1 wachter.

(N.B. De kleuren van de Zwitserse vlag zijn – nu – rood en wit).

Ik knipperde eens met  mijn ogen en weg was het beeld. Slechts een oude muur met poort was het enige wat zichtbaar bleef, en daar stonden wij. Met z’n tweeën, niet met z’n vieren, zoals ik even daarvoor had  gezien.

Ik deed deze ervaring meteen af als fantasie en liep vermoeid door. Het zal de hele situatie wel zijn, dacht ik nog.

We liepen verder omhoog en kwamen uiteindelijk uit bij de kerk, die op het hoogste punt gebouwd is.

 

In het kerkje ervoer ik eerst eigenlijk weinig toen ik binnen kwam. Wat op zich wel vreemd was, want in de meeste kerken kon ik (in die periode en mijn vroegere jaren) eigenlijk niet komen of ik ging me heel erg vervelend, woedend of angstig voelen. (heeft met oude incarnaties en trauma’s te maken gehad i.v.m. het instituut kerk en met de tijd van de heksenvervolgingen).

Toen ik naar een aantal pilaren met bogen keek kreeg ik ineens een vreemde gedachte; ‘Oh, dus zo ziet het er van binnen uit’.

Wel wat vreemd dus. Maar ook hier stond ik er niet echt heel bewust bij stil en schonk er verder weinig aandacht aan. Ik had tenslotte keer op keer rare of vreemde ervaringen wanneer ik in een echt oude kerk was.

Verder verliep dit bezoek aan de kerk eigenlijk relatief rustig en er deden zich niet echt meer gekke dingen voor, wat eigenlijk uitzonderlijk was.

 

Toen E. bij de biechtstoel stond zag ik dat hij (dit keer) zeer emotioneel werd en hij rende direct naar buiten. Ik ben even op deze plaats blijven staan om uit te vinden wat er met hem gebeurd was en op dat moment kreeg ik enorm koude voeten. Deze kou trok verder omhoog naar mijn enkels. Toen ben ik ook maar gauw weg gegaan.

 

In het ‘klokkehuis’ (nog in de kerk) krijg ik het gevoel of het hier ook te maken heeft gehad met gevangenen. Het voelde hier erg kil en koud aan.

 

Toen we weer buiten de kerk stonden zag ik ineens het beeld van een oud, klein, verschrompeld/ gerimpeld en gebogen mannetje. Hij had pluizig wit haar en liep heel erg te rochelen. Hij ‘produceerde’ rare lange hoesten waarbij hij leek te piepen.

Ook zag ik een groepje van 4 personen in fel gekleurde kleding; rood en geel vooral, maar ook wat groen en blauw. 

 

Bij een wat lager gelegen deel van de vesting, onder de kerk zeg maar, liep een klein paadje naar een klein gebouw waar alleen een deur in zat. Hierbij kreeg ik direct het gevoel dat het kerkers waren geweest. Terwijl er – nu – aan de buitenkant van dit gebouwtje niks te zien was wat hierop wees.

Ook hier zag ik een wachter staan in geel/groene kleding, even verder op, bij een ijzeren hekje die de toegang vormt naar het weggetje naar dit gebouwtje met deur. Ik kon zien en/of voelen dat hij onder zijn kleding een maliënkolder droeg. Hij had ook een soort speer met rood/witte vaandel eraan.

 

                                                            

Deel van Notre Dame de Valere, met kerktoren

 

Terwijl we uiteindelijk weer begonnen aan de afdaling, naar het huidige centrum van de stad, lopen we door oude, smalle straatjes verder naar beneden.

In een bepaald straatje zie ik E. ineens stil staan en zie dat hij heel emotioneel wordt.

Zelf kreeg ik op die plek een beklemmend gevoel op mijn borst en keel, alsof ik een soort brok in de keel heb of dat mijn keel wordt dicht geknepen.

Dan zie ik plots beelden in deze straat; ik zie heel veel mensen naar beneden lopen met vieze haren en gezichten, ze zien er onverzorgd en armoedig uit. Ze zijn gekleed in lompen. de kleren zijn vaal, versleten, gerafeld en vies. Ik zie veelal bruinige kleding en/of crème kleurig, van een soort jute achtige stof. En alles is besmeurd met vegen en viezigheid.

De straten zijn vuil en vies en lijken te stinken.

Het vreemde is dat vrijwel al die mensen, op een enkeling na, naar beneden komen lopen, en niet omhoog. Het is er erg druk, de smalle straat is over vol.

Dan kijk ik omhoog en krijg het gevoel dat er daarboven ergens een pleintje of iets dergelijks moet zijn (geweest). En dat dat te maken heeft (gehad) met terechtstellingen.

(N.B. Dat gevoel van dat pleintje klopt. Dit wordt tijdens het tweede bezoek bevestigd).

Ik voelde me hier niet prettig. Er hing een beklemmende sfeer.

We zijn op dat moment niet meer boven gaan kijken of er nog meer te zien was, want het werd E. allemaal teveel. Hij was erg emotioneel op die plaats.

 

 

 

Het totaalpakket van onze waarnemingen:

 

*E.’s waarnemingen;

Tijdens de moeizame klim omhoog door de stad naar de vesting toe heeft E. eigenlijk nog niks gemerkt van ‘ongewone zaken’. Hij  was teveel met mij bezig tijdens mijn zware vermoeiende tocht.

 

E. kwam de kerk in, zich nergens van bewust, en keek hoe mooi alles er uit zag. Tegelijkertijd kreeg hij een wat onbehaaglijk gevoel en een vraagteken van wat hier allemaal gebeurd is op deze plaats.

Bij de biechtstoel kreeg hij een heel kil en koud gevoel, haast tegen het verstijvende aan, met name op de plek waar de priester hoort te zitten. Hij kreeg hierbij het gevoel dat de mensen hier vroeger verkeerd zijn behandeld. Dat de mensen hier na het biechten in plaats van rustiger, juist vervelender weg kwamen. En dat de priester hier er alles aan deed om de mensen aan zijn kant te krijgen.

Na deze waarnemingen en gevoelens, loopt hij emotioneel de kerk uit.

 

Bij het ‘klokkehuis’ in de kerk, waar je doorheen of langs kwam naar de uitgang, kreeg hij ook het koude, kille gevoel en het gevoel van gevangen mensen.

 

Hierna heeft E. hier verder niet echt over nagedacht omdat hij zo overbluft was door deze waarnemingen en gevoelens die spontaan opkwamen. Hij schreef het zelf toe aan een te grote fantasie, net als ik in eerste instantie.

 

Bij de plek waar ik het gevoel had dat het kerkers waren geweest, kreeg E. een heel verdrietig gevoel. Hij zag 2 wachters en een groepje van 4 of 5 gevangenen die achter elkaar vastgeketend waren. Terwijl ze de kerkers inliepen, keek 1 gevangene om met een blik van; ‘jullie hebben het allemaal mis’. Dit was een erg verdrietig gevoel.

Ook E. had hier het gevoel dat het kerkers geweest waren.

Hier zag E. ook, net als ik, een groepje van ongeveer 4 wachters in fel gekleurde kleding.

 

Ook het oude, gebochelde mannetje met het witte pluishaar kwam E. tegen in zijn waarnemingen deze middag.

 

Bij de afdaling naar het huidige centrum zag E. vrijwel op/ langs de hele weg veel vee en stro.

Bij het straatje waar hij zo emotioneel werd, kreeg hij het beeld dat bij het bovenste raam van een oud middeleeuws gebouw een jonge vrouw voor het raam staat. Ze draagt een wit gewaad, heeft een vrij jong gezicht en heeft donker krullend lang haar.

Willemien heeft deze vrouw ook eerder waar genomen.

Toen E. haar voor het raam zag staan voelt jij dat er iets is wat zij nog niet weet. Dat er iets niet klopt m.b.t. de priester van de stad i.v.m. vrouwen.

E. voelt hierbij het volgende; de vader van de jonge vrouw is bevriend met de priester van de vesting. De vader van deze vrouw is een vrij hoog/ vooraanstaand persoon van adel.

De vrouw keek verdrietig en dat had te maken met gevangenen. Het had te maken met een onterechte beschuldiging, voelde E.. Dit was duidelijk van haar gezicht af te lezen.

Toen werd E. heel emotioneel en hij zag een oude houten kar met 2 houten wielen (en had houten hekjes rondom/ op de kar)  voorbij komen, getrokken door een paard. Hier zag E. dezelfde persoon als bij de kerkers, die achterom had gekeken.

Er zaten allemaal gevangenen op de kar, maar tussen al die mensen ‘sprong’ deze gevangene ‘er uit’.

E.’s indruk hiervan was dat de vrouw in het wit iets te maken heeft (gehad) met deze gevangene. Omdat dit er echt zo uit sprong.

 

Pas op de terug weg in de auto, herinnerde E. zich weer hoe hij vroeger vaak gedroomd heeft over deze ramen met de vrouw in het wit er achter.

 

Nadat we terug waren op de vakantieplek kwamen al deze ervaringen pas naar boven en werden ze uitgesproken, zoals ik al eerder beschreef.

Hier hebben we samen een poos over gepraat en onze waarnemingen puntsgewijs op papier gezet, waarvan dit het verslag van het hele ‘verhaal’ is.

 

Naar aanleiding van al deze ervaringen hebben we een nieuwe datum gepland om nogmaals naar deze vestingen terug te keren, en om dan bewust(er) rond te lopen om te kijken wat we tegen kwamen.

Dit zou voor ons ook een ‘test’ zijn of we het niet allemaal zelf verzonnen hadden, maar ook om dit keer voorbereid heen te gaan, waardoor we ons goed afschermden zodat we er niet overspoeld door zouden worden, zoals tijdens het eerste bezoek.

 

 In de verte: Tourbillon. Voor: kleine kerk

 

Inleiding: Het tweede bezoek:

 

Bij het tweede bezoek aan Sion zijn we vrijwel de hele dag in de vestingen geweest. We hebben deze dag ook een grote klim gemaakt naar de andere ruïne, op de andere (zeer steile) berg; de ruïne van Tourbillon. Hier waren we tijdens het eerste bezoek ook niet geweest. .

 

We begonnen onze ‘zoektocht naar aanwijzingen’ weer bij de Notre Dame de Valere. Alhoewel het weer warm was, kon ik nu een stuk makkelijker langs het rotspaadje naar boven komen. Het was niet zo zwaar en benauwend als de eerste keer. Misschien ook omdat we er nu ook meer op afgestemd of voorbereid waren, wat hier kon gebeuren als je gevoelig genoeg bent om dit op te pikken.

 

We gingen nu gezamenlijk en tegelijkertijd proberen bewust waar te nemen en in te voelen op de energieën die hier nog hangen van een oud verleden. We wisselden dit keer ook direct ervaringen en waarnemingen uit en noteerden deze ook direct op papier.

Beide konden we enorm veel waarnemen deze dag, het leek nog makkelijker te ‘stromen’ dan tijdens het eerste bezoek. Maar dat is ook niet zo gek. Er zit een groot verschil tussen of je er onverwachts door overspoeld wordt of dat je er bewust en voorbereid naartoe gaat.

Onze waarnemingen sloten feilloos op elkaar aan. Vrijwel alles konden we beide waarnemen, tegelijkertijd. Op andere momenten waren de ervaringen wat verschillend, maar vulden elkaar aan, waardoor letterlijk een heel verhaal van de geschiedenis duidelijker werd.

Het is ongelooflijk hoeveel informatie we hier op hebben kunnen pikken, en ook hoe gedetailleerd deze informatie was.

Het meest bijzondere vond ik om dit samen met iemand anders te ervaren, en dat je dan toch hetzelfde waarneemt, onafhankelijk van elkaar.

(Nu moet ik zeggen dat E. en ik wel al jaren heel goed op elkaar afgestemd waren, wat waarschijnlijk ook heeft gescheeld in deze ervaring).

 

In het volgende stukje over ons tweede bezoek zal ik de ervaringen van ons beide niet apart beschrijven, maar samen vatten, omdat zoveel van de waarnemingen overeen kwamen.

De letter (E) zal dan staan voor; de waarnemingen van E.

De letter (W) zal dan staan voor; de waarnemingen van mij.

 

                                    

Uitzicht vanaf het uitzichtpunt (Notre Dame deValere)

 

 

Het tweede bezoek: vrijdag 6 augustus 1999:

 

Op de plaats waar we eerder hadden gestaan, vlakbij de plaats die voor ons aanvoelde als vroegere kerkers, bleven we staan en deden hier ook weer spontaan onze eerste waarnemingen zich voor.

We keken omlaag en ik zag weer een wachter staan in geel/ groene kleding. Het vreemde was dat hij een soort klein zwart baardje had, wat wat Spaans aandeed.

Ook liepen er over een paadje dat iets boven de kerkers loopt, 4 soldaten. Maar niet in mooie kleding. Zij droegen kleding van jute achtige stof, vaalgroen van kleur.

Mijn keel en maag leken te worden samen geknepen en ik kreeg een heel zwaar hoofd.

E. ziet galgen, vlakbij de kerkers, op datzelfde stukje. Ook hij zie veel mensen in jute achtige kleding.

 

Achter/ naast de kerk is een stukje braakliggend terrein met wat rotachtige bodem en wat gras. Dit stukje ligt naast de kerk, maar ligt wel lager dan de kerk. (Er was binnen de vesting op verschillende plaatsen nogal wat hoogteverschil).

Op deze plek (Zie foto 5) zag ik een priester lopen met begeleiding in een tuin. De priester was gekleed in het wit en goud. Hij zag er rijk en luxueus uit, zo ook zijn kleding. Als begeleiding heeft hij verschillende vrouwen bij zich, die mooie, dure gekleurde jurken dragen. Ze zien er goed doorvoed uit.

E. ziet hier ook dat dit vroeger een tuin is geweest waar de mensen van de kerk werkten. Ook hij ziet de priester en z’n begeleiding en geeft dezelfde beschrijving qua kleding.

Vanaf hier zit E. op het paadje vanaf de poort richting kerk (zie foto 2), onder ons, rijen gewonde soldaten die door toeschouwers worden ondersteund. Sommigen zijn op verwondingen omwikkeld met lappen. Daarachter zijn rijen met gevangenen.

Ik zie hierbij ook mensen met witte, grauwe, gescheurde en vieze kleding. Ze zijn allen verminkt en gewond.

 

Aan de kant van de ingang van de kerk, maar dan naast de kerk, staat een soort klein bijgebouwtje of muurtje.

E. voelt dat deze er vroeger niet was.

We voelen beide aan dat de kerk steeds iets te maken heeft met al deze waarnemingen en situaties/ gebeurtenissen die we waarnemen.

E. heeft het vage gevoel alsof de kerk oordeelde over de gevangenen. We weten niet zeker of dat inderdaad zo was. Het is nog een vraagteken.

De priester liep met 2 rijkeluis vrouwen.

 

Dan krijgt E. waarnemingen van de voorbereidingen op een feestelijke gebeurtenis. De vrouwen lachen en de priester is iets of iemand aan het uitlachen.

 

Vanaf de ‘tuin’ (dat wat we waarnemen als vroeger de tuin) kijken we uit in de richting waar de kerkers zich bevinden (onder de tuin en kerk, op een lager gelegen stukje). Bij de galgen worden gevangenen vernederd en belachelijk gemaakt.

 

Aan de andere kant van de ‘tuin’, in de hoek schuin beneden ons, krijgt een jongetje op zijn donder. Dit zien we beide tegelijkertijd. Hij heeft geprobeerd om een appel te stelen uit de boomgaard van de kerk. We zien hierbij beide ineens dat de boomgaard in de hoek van de tuin stond.

We zien ook dat de muur en kantelen daar vroeger ook hoger was.

 

Ook zagen we de vrouw in het wit (die E. eerder voor de ramen had gezien) hier. Ze keek niet blij.

We zien ook hoe zij ruzie staat te maken met haar vader (het gebochelde mannetje) over trouwen of iets dergelijks.

Deze vrouw en haar vader woonden in de vesting van Tourbillon, aan de andere kant op de berg. 

 

Beide zagen/ voelden we Hoe deze jonge vrouw ruzie kreeg met haar vader, waardoor ze uiteindelijk terecht kwam in een huis in het straatje dichter bij het centrum, in plaats van in de grote vesting. (Het huis en de straat waar we haar eerder deze week hebben gezien).

Ik voel hierbij dat ze uit de adel ‘gezet’ werd, omdat zij het niet eens was met de manier waarop er gehandeld werd binnen het stadsbestuur/ de adel. Ik voel dat hier veel onterechte dingen zijn gebeurd.

Deze vrouw zocht steun bij de priester, maar dit hielp niet en ze werd hierdoor als het ware verstoten van de adel.

 

Het oude gebochelde mannetje (haar vader) staat ergens ook in verband met de kerkers en gevangenen, voelen we.

 

                                                            

Kerk Notre Dame de Valere

 

 

Ineens bevinden we ons plotseling beide in een feestelijke bedoening. We zien allemaal lachende mensen, van adel, in feestelijke kleding. Het heeft te maken met een trouwerij of een overwinning.

Er hangen overal gele en rode vlaggen en wimpels. (Wat op zich heel typisch is dat we voornamelijk deze kleuren hier steeds aantreffen, terwijl de Zwitserse vlag van nu rood met wit is. Misschien was dat in die tijd anders????)

Ik zie veel bloemen in de tuin. Het ziet er heel vrolijk en fleurig uit.

Ik zie ook ineens de vrouw in het wit voor de ramen staan van 1 van de torens. Ze kijkt naar beneden, naar het feestelijke gebeuren. Ze kijkt heel triest.

Zowel E. als ik zien ook boven het feestgewoel, wachters op de torens staan. Ook zij zijn weer gekleed in het geel/groen.

 

Terwijl we een stukje verder omhoog lopen, richting kerk, komen we bij de trappen ‘onder’ de kerk, die naar de voordeur van de kerk leiden. (zie foto 6)

Hier worden we beide misselijk.

Onderweg hier naartoe zien we veel wachters.

 

We lopen verder naar wat nu een uitzichtplaats is, schuin onder/voor de kerk.

Hier zie ik veel mensen in jute-achtige kleding. Ik weet niet wat ze aan het doen zijn. Misschien is dit een soort feestje voor de mensen die niet van adel zijn/ de wat hoger in rang staande burgers???

Hebben zij om dezelfde reden als de adel een soort feestje???

Ook hier krijg ik weer een wat misselijk gevoel bij mijn derde chakra. Ook voelt het of mijn keelchakra wordt dicht geknepen.

 

                  

                                                             Uitzicht

 

Vanaf deze plek (uitzichtpunt) zie ik dat 1 doorgang naar een ‘tuin’ is afgesloten. Het is nu een vrij rotsachtig, steil stukje met heel hoog gras. Het is afgesloten voor publiek d.m.v. een stalen deur met spijlen. Dit stukje bevindt zich aan de voor- en andere zijkant van de kerk, dan waar we nu staan.

Ineens ‘verschuift’ het beeld weer terug van het heden naar de middeleeuwen en ik zie dat hier vroeger heel veel bloemen in deze tuin stonden. Ik zie vele kleuren. Een bloemen/ kleurenzee.

Daarnaast zie ik hier vele wachters.

E. voelt hier ook veel emoties.

Ook ziet hij de priester het huisje tegenover/onder de kerk in gaan. (Dit huisje staat er nu nog). Hij ziet verder veel mensen in het wit.

Zij zijn niet in de rouw.

 

Opeens ervaren we beide dat het lijkt alsof alles door elkaar heen begint te lopen. Het is wat verwarrend. Het is niet precies te achterhalen waar dit nu allemaal om draait.

Ik krijg er een wat zwaar hoofd van.

 

Vanuit het uitzichtpunt, waarbij we gericht stonden op de ‘tuin’/ het afgesloten stuk, draaien we ons om en kijken naar het stukje vesting onder dit uitzichtpunt. Dit stuk ligt enkele meters lager dan waar we nu staan. Ook dit is nu een stuk braakliggend terrein. Wat rotsachtig, niet onderhouden, met veel gras.

Beide hebben we sterk het gevoel dat dit vroeger de begraafplaats van de adel was. Ook hebben we beide het gevoel dat er nog een stuk van de vesting ontbreekt met hoe het er vroeger moet hebben uitgezien. Er ontbreekt een stuk ‘omheining’/ muur met een ronding, een soort halve toren aan de rand van deze begraafplaats.

 

Ondertussen lopen er op het ‘uitzichtpunt’ zelf ineens weer wachters rond.

Het is een rare gewaarwording, het lijkt alsof de tijden steeds door elkaar heen lopen of in elkaar overvloeien. Alsof we steeds tussen de ene realiteit en de andere switchen. (Wat feitelijk ook gebeurde).

 

Aan de andere kant op het stukje beneden het uitzichtpunt hangt een vrolijker sfeer. Terwijl dat ongeveer maar 10 meter van de andere plek, van net, af ligt. Het voelt hier lichter aan dan aan de andere kant van dit zelfde terrein. Ik zie hier ook lachende mensen, veel bloemen en kruiden.

Beide zien en voelen we dat er aan deze kant vroeger ook een vierkante toren is geweest. Deze staat er in het heden niet meer, ook geen resten of ruïne er van. We zien dat deze toren nog hoger was dan die aan de andere kant.

 

Bij de rotsen/ophoging aan de voorkant van de kerk, vlak naast de trap naar de kerkdeur, is een soort ophoging. (Dit stukje vesting grenst zowel aan de kerk als aan het uitzichtpunt, er tegenover staat het kleine huisje, aan de andere ‘grens’ van het uitzichtpunt, waarbij E. het gevoel heeft dat dit huisje van de priester was).

 

 

Beide zien we hoe er vanaf deze verhoging een toespraak wordt gehouden, waarna de toehoorders daarna naar beneden, de tuin, in gaan.

 

Op deze zelfde plek, de verhoging, zie ik ineens (in een andere tijd???) een soort waterbron/waterbak staan, in de rotsachtige hoek. Waarbij ook een Mariabeeld staat.

Is dat in een andere tijdsperiode geweest???

 

                         

Kleine binnenplaats na poort, Notre Dame de Valere

 

We draaien ons om en kijken naar het kleine huisje tegenover de kerk. We voelen nu beide duidelijk dat dit het huisje van de priester was. Ik voel dat er daar veel dingen gebeurd zijn die niet klopten. Dit had ook te maken met vrouwen en seksualiteit, orgieën of iets dergelijks.

(Priesters mochten toch geen vrouw?? En zeker niet in die tijd???)

 

We staan nog steeds op het uitzichtpunt, de plek onder de kerk. Ineens zie ik weer lachende mensen, mooie jurken, ik zie mensen dansen en hoor zelfs de muziek.

Ik snap er even niks meer van. Alles lijkt weer door elkaar te lopen op deze plaats, verschillende tijdszone/dimensies lopen door elkaar of vloeien in elkaar over.

Ook E. heeft hier ‘last’ van. Droevige en blijde gebeurtenissen lopen door elkaar heen en wisselen elkaar af. Het is wat verwarrend.

E. ziet ook dat er iemand op bezoek zou komen in deze vesting, waardoor het feest was, een hogepriester of iets dergelijks.

Hij ziet nu ook de bron met heilig/ gezegend water bij de verhoging naast de kerk. Net als ik net gezien heb.

Ik zie hier weer wachters in groen, rood, geel gekleurde kleding staan, voor de kerk bij deze verhoging.

Op het bankje voor het kleine huisje tegenover de kerk (het huis van de priester) zie ik het gebochelde oude mannetje zitten. Hij leunt op een stok. Hij ziet er wat treurig, verbitterd uit. Hij staart, diep verzonken in gedachten, voor zich uit. (Zijn zonden aan het overdenken???)

 

In de kerk zelf voelt het heel vervelend en zwaar, voornamelijk bij de biechtstoel. Er hangt hier nog  veel emotie. Ik krijg een sterke druk op mijn buik. Ik voel dat hier veel onrecht is aangedaan.

De priester was niet echt een prettig figuur. Hij speelde oneerlijke (macht) spelletjes. Heel onrechtvaardig.

Terwijl ik voor deze biechtstoel stond voelde ik een sterke woede opkomen zetten voor al dit onrecht. Ik werd er letterlijk misselijk van, met een rillerig, klam en koud gevoel.

Ook de vrouw in het wit zag ik in de kerk rond lopen.

Bij dit bezoekje aan de kerk voelde ik me minder ongewenst dan de eerste keer dat ik hier was. Ik heb ook weer een erg zwaar hoofd, net of er een band omheen zit.

Voor E. werd het hem binnen teveel, dus hij is vrij snel weer naar buiten gelopen, de kerk uit.

 

Terwijl we verder lopen door de vesting, komen we bij een pad, een stukje naar beneden, wat heel erg rotsachtig is. Ik voel dat dit vroeger niet zo was, en dat dit verzakt is.

 

Uiteindelijk gaan we weer door de poort/ ingang van de vesting  en blijven hier, vlak buiten de vestingmuur even staan. Hier voelt het duidelijk beter.

 

                                                 

Deel vestingmuur Notre Dame de Valere

 

 

Vlak naast deze vesting staat ook nog een klein kerkje.

E. ziet hier veel soldaten, maar ook vrouwen. Ook ziet/ voelt hij dat hier een andere priester is. Al deze mensen zijn veel eenvoudiger gekleed.

Beide zien we ook dat er tegenover dit kerkje een huisje heeft gestaan. Deze is er tegenwoordig niet meer. Ook geen sporen ervan.

Beide voelen we hoe deze mensen, aangesloten bij dit kerkje, werden geminacht door de adel. Ze werden niet als belangrijk gezien.

Toch hebben juist dit kerkje en deze mensen een veel vrediger, eerlijker uitstraling.

Het jaartal 1380 komt naar voren.

Even later zie ik bij de deur van het kerkje een hele forse vrouw staan. E. zag deze zelfde vrouw even daarvoor bij het huisje tegenover het kerkje. Hier was ze de was aan het ophangen.

 

 

Daarna hebben we de lange, zware en vooral steile klim gemaakt naar de ruïne van de vesting van Tourbillon.

Hier voelde het voor mij heel erg leeg aan. Net of er hier niks meer ‘leeft’. Misschien is dat ook de reden dat er nog maar weinig van deze vesting overeind staat, in tegenstelling tot de Notre Dame de Valere, waar nog veel ‘overeind’ staat, maar waar ook nog veel ‘leeft’. Waardoor we daar ook zo veel informatie konden oppikken. Het leeft er letterlijk en figuurlijk nog. Is die vesting daarom beter bewaard gebleven en niet geheel vervallen tot ruïne?

Ik heb ook het idee/gevoel dat deze vesting niet geheel origineel meer is.

E. heeft hetzelfde gevoel hier. Ook hij krijgt, net als ik, op deze plaats geen beelden of andere informatie door.

 

 

Vanuit de vesting van Tourbillon lopen we via een andere route terug richting het huidige centrum van Sion.

Hierbij kwamen we toch langs dezelfde weg als tijdens ons eerste bezoek, door het straatje waar E. de vrouw in het wit voor het eerst zag.

We komen er nu achter dat er inderdaad ‘boven’ deze  straat (als je deze door loopt omhoog) een soort plaats/ pleintje is. Het is niet echt heel groot, maar zou groot genoeg kunnen zijn om aardig wat mensen bij elkaar te verzamelen. Hier, voor het ‘pleintje’ stond ook een gebouw uit dezelfde tijd als de 2 vestingen. In dezelfde bouwstijl en steensoort. Dat was duidelijk zichtbaar. Ook dat deze gebouwen en vestingen bij elkaar hoorden en/of nog horen. Het zou dus inderdaad kunnen dat hier terechtstellingen hebben plaats gevonden.

 

Uiteindelijk kwamen we in het centrum van Sion, en weer meer in de huidige realiteit terecht.

Hier hebben we nog even aards genoten van onze vakantie.

Uiteraard zeer onder de indruk van onze waarnemingen en ervaringen. Maar daarnaast ook even genietend, om onszelf de tijd te geven deze ervaringen een plaats te geven en te laten bezinken.

 

 

Enkele dagen later…..8 augustus 1999:

 

Enkele dagen later zetten we de waarnemingen nog eens op een rijtje. Doordat we zo in die energie zitten van onze bezoeken aan de vestingen en hier zo makkelijk contact mee hebben kunnen maken, komt ook nu weer die verbinding en energie sterk naar voren. Hierdoor ontvingen we tijdens de ‘ evaluatie’ nog meer informatie en beelden, die een nog completer beeld gaven van het ‘verhaal’ waar we als het ware ongevraagd en spontaan in terecht waren gekomen.

De volgende waarnemingen en ervaringen zijn door ons beide gedaan, aanvullend op elkaar. Ik zal het in 1 stuk samen vatten.

 

We voelen dat de man die we tijdens het eerste bezoek als gevangene zagen, uiteindelijk is opgehangen. Het leek er op dat hij uit de weg geruimd moest worden voordat het hoge bezoek (de hogepriester of iets dergelijks) kwam.

De vrouw in het wit had ‘iets’ met deze man. Niet een liefdesrelatie, maar wel een heel sterke band/ relatie.

 

Bij de vrouw in het wit zien we ook steeds een touw. We voelen dat zij of zelfmoord heeft gepleegd, of ze vermoord is en dat het juist moest lijken als een zelfmoord. Waarschijnlijk was dit laatste het geval.

 

De priester van de Notre Dame de Valere was een vriend van haar vader (het gebochelde oude mannetje). Zowel vader als dochter wisten iets (van de corruptie) van de priester, wat zij niet mochten weten. De priester kwam hier achter toen ze in de kasteel tuin liepen (‘onder’ de kerk). Het had ook betrekking op de gevangen man die onterecht terecht gesteld werd. (Hij wist waarschijnlijk ook teveel).

Beide, vader en dochter, zijn uiteindelijk uit de weg geruimd voordat het hoge bezoek kwam.

 

De man/ gevangene is geëxecuteerd op het ‘pleintje’. We zagen mensen lopen, na de executie naar beneden. In het straatje richting centrum. Daarvoor hadden we gezien hoe een kar met gevangenen naar boven reed.

De vrouw in het wit had ‘iets’ met deze man. Niet een liefdesrelatie, maar wel een heel sterke band/ relatie.

De man/gevangene heeft iets te maken gehad met het kleine kerkje naast de vesting. Hij is hier in de leer geweest bij de priester. Hij had ook iets te maken met de priester van de Notre Dame de Valere en met Godsdienst/ religie.

Was deze man/ gevangene de priester van het kleine kerkje?!

In elk geval werd hij vereerd door het volk

Hij had de ‘duistere praktijken’ van de andere priester van de Notre Dame de Valere door, wat iets te maken had met macht, corruptie en vrouwen en seksualiteit. Hij heeft dit min of meer gedeeld, ook als waarschuwing, met de vrouw in het wit.

Uiteindelijk is zij, haar vader en de andere man hiervoor uit de weg geruimd, omdat ze deze dingen wisten van de priester.

 

De priester ontdekte in de (kerk) tuin dat hij door de mand was gevallen. Dat enkelen wisten waar hij mee bezig was. En hij realiseerde zich dat dit, via die personen, aan het licht zou komen, wanneer het hoge bezoek er zou zijn.

Deze corrupte priester had in elk geval veel meer macht dan de priesterkleine kerkje. Dat was ook te zien aan de 2 kerken van heel verschillende grootte.

Juist omdat hij zoveel meer macht had, wist hij het volk ook te overtuigen van de ‘schuld’  van de andere priester. D.w.z. de corrupte priester heeft de waarheid zo verdraaid dat het volk uiteindelijk in opstand kwam tegen deze man. Terwijl het volk eigenlijk eerst meer achter hem stond.

De corrupte priester had echter veel meer macht, ook om zo mensen uit de weg te ruimen, waardoor hij angst zaaide onder het volk.

Uiteindelijk slaagde de corrupte priester er op deze manier in dat de priester van het kleine kerkje (onterecht) veroordeeld kon worden en werd terecht gesteld.

 

De vrouw in het wit geloofde de priester van het kleine kerkje, en niet de corrupte priester, omdat ze door had hoe het in elkaar zat.

Deze corrupte priester was echter wel bevriend met haar vader, het gebochelde mannetje, waardoor hij ook makkelijk bij de vrouw in het wit kon komen zonder argwaan te wekken. Hij heeft ook haar uit de weg geruimd of laten ruimen zodat ook zij de corruptie en het machtsmisbruik niet openbaar kon maken.

De vrouw in het wit bleef tot het einde toe trouw aan de andere priester en zijn

geloof. Zij was ook de enige die er iets van durfde te zeggen. Dat was dan ook de reden dat zij weg moest zijn voor het hoge bezoek kwam. De corrupte priester heeft het zo doen lijken dat iedereen dacht dat het zelfmoord was, zodat hij ongestraft door kon gaan met zijn praktijken.

 

                         

Vlak naast ingang van de grote kerk van Notre Dame de Valere

 

 

Ter overdenking…

 

Verder werd het hoe en wat ons niet echt duidelijk(er). Waarom ervaren wij dit samen zo, op deze plaats? Pikken we slechts deze energieën op die op deze plaatsen nog hangen? Of hebben we er zelf ook iets mee te maken, met deze geschiedenis?

We hebben beide het gevoel dat het belangrijkst in dit ‘verhaal’ voor ons de priester van het kleine kerkje en de vrouw in het wit zijn.

Vooral E. was heel emotioneel (betrokken) bij de waarnemingen van deze geschiedenis. Voor mij was het emotioneel minder moeilijk te behapstukken. Af en toe kwamen slechts wat emoties op, maar dat kan ook met deze geschiedenis te maken hebben en het aanschouwen ervan. Ik heb niet (heel duidelijk) het gevoel dat dit echt een karmisch stuk van mij is of een herbeleving van een andere incarnatie. Eerder dat ik deze energie makkelijk heb op kunnen pikken.

 

We hebben beide het gevoel dat deze zaak nooit is opgelost. Het mysterieuze is er nog. Het hangt daar nog. Het is nooit aan het licht gekomen.

De corrupte priester ‘leefde lang en gelukkig’ verder alsof er nooit iets is gebeurd.

Het gevoel dat dit mysterie en deze corruptie nooit zijn opgelost hebben we beide al enkele dagen, sinds ons tweede bezoek aan de vestingen.

 

E. kan voor zijn gevoel ineens intuïtief wel een link leggen naar een persoon in het heden, waarmee hij moeilijkheden heeft gehad. Deze persoon spiegelt in dit leven ook oneerlijkheid, onrechtvaardigheid, veel vrouwen (willen) hebben, misbruik, etc.

Deze weerspiegeling van deze thema’s die overeenkomen met die van de priester, kan ik ook zien, maar ik kan ze gevoelsmatig niet verbinden aan deze persoon in het heden, als dat deze persoon met deze plek verbonden is uit een vorige incarnatie.

 

Terwijl we hier op afstand op blijven invoelen om te kijken of we het mysterie kunnen oplossen, staat ineens het gebochelde mannetje naast ons. (We staan vlakbij onze vakantieplek, zo’n 70 kilometer van Sion af.)

Wanneer we terug lopen naar het appartement heb ik het gevoel dat al deze zielen, waarmee we kennis gemaakt hebben in dit ‘verhaal’, achter ons met ons mee lopen; de vrouw in het wit, de priester/ gevangene, het gebochelde mannetje en een hele hofhouding in mooie kledij. En wij lopen voor op.

Een aparte gewaarwording. Er schiet even, een moment, een koude rilling langs mijn rug.

Halverwege de heuvel blijven al deze zielen staan. Wij lopen door naar het appartement.

 

Het voelt voor E. en mij duidelijk als dat dit ‘verhaal’ nog niet is afgelopen.

Maar wat moeten wij er verder mee doen? Moeten we er überhaupt verder nog iets mee doen?

Zijn wij ‘ingezet’ om een mysterie/ onrechtvaardigheid uit het verleden te ontrafelen? Of om op deze plaatsen healing te brengen?

Waar ligt de link/ verbinding met ons in dit ‘verhaal’? heeft dit persoonlijk betrekking op 1 van ons beide of op allebei? Of dienden we slechts als toeschouwer?

 

Vraagtekens blijven staan. Bij beide van ons. Misschien dat er in de loop der tijd meer antwoorden zullen komen…

Zeker is het in elk geval wel dat dit een zeer indrukwekkende ervaring is geweest. Een ervaring om nooit te vergeten.

Vooral omdat we het samen hebben ervaren, wat het nog specialer maakt.

 

                         

Kerk Notre Dame de Valere

 

 

Het heden: juli 2003

 

In de loop van de daarop volgende jaren ben ik de vrouw in het wit nog vaak ‘tegen gekomen’. Zij is een poos bij mij gebleven als 1 van mijn gidsen. Haar naam is Elisabeth.

Ze komt nog steeds geregeld even een kijkje bij me nemen. Zeker wanneer het gaat om healing voor mezelf of voor een ander, dan is ze duidelijk voelbaar en zichtbaar aanwezig.

De rest van de vraagtekens zijn overig nog steeds niet beantwoord…..

 

 

 

Artikel geschreven door: © Willemien Timmer, juli 2003